Investeren in de smaak van de toekomst

Suiker is in de ban. Steeds meer mensen zijn bewust van de gevaren van overmatige consumptie. De voedingsindustrie reageert door alternatieve zoetstoffen in te zetten: suikervrij met behoud van zoete smaak. Tegenover hen staan de voedsel pioniers van MANA Kombucha: broers Filip en Simon van Asch. Zij willen onze aan suiker verslaafde smaakpapillen niet pleasen, maar uitdagen tot een herwaardering van zoet.

Kombucha is gefermenteerde thee die tjokvol probiotica zit. Een ware hype in de health food stores, maar ook in deze gezonde frisdrank zit gemiddeld 5 gram suiker op iedere 100 milliliter. Filip: ‘Je wordt voortdurend bedonderd met beloftes van gezond, verantwoordelijk en suikervrij. Het is marketingtaal. Wij ergerden ons daaraan en zo ontstond het idee om de consument serieus te nemen in zijn wens naar een andere leefstijl. Let’s go all the way.’

MANA is een uniek product op de Nederlandse kombucha markt: door het brouwsel te laten gisten tot alle suiker verdwenen is, is het niet alleen gezonder, maar heeft het ook een veel kleinere ecologische voetafdruk dan andere kombucha. MANA hoeft namelijk niet gekoeld vervoerd en opgeslagen te worden. Mooi voor de planeet, maar is het dan wel lekker? Simon: ‘Het is een volwassen smaak, meer een Prosecco of een cider, alleen dan zonder alcohol. Wij merken dat mensen eraan moeten wennen, hun smaak als het ware moeten kalibreren en dan waardering krijgen voor de subtiele gelaagdheid van het drankje.’ Voor de broers is het bepaald geen risicovrije onderneming, ze gingen een grote lening aan om MANA in de markt te zetten. Is het niet een vergissing om idealisme tot een commerciële onderneming te maken? Filip: ‘We zien dat steeds meer mensen ontwaken uit de sprookjeswereld van de voedselindustrie. Als je minder suiker wil eten, is de logische consequentie dat eten minder zoet wordt. Dat is niet iets tragisch, maar om nieuwsgierig naar te zijn. Wij faciliteren de transitie naar een hoger bewustzijnsniveau in de omgang met eten, ons lichaam en de wereld.’

Dat MANA’s herwaardering van zoet een antwoord biedt op een actueel probleem, wordt onderschreven door een onderzoek dat het Diabetes Fonds afgelopen april naar buiten bracht. Daaruit bleek dat Nederlanders gemiddeld 30 suikerklontjes per dag eten, wat het dubbele van de aanbevolen hoeveelheid is. De meeste mensen schatten hun eigen consumptie echter een stuk lager in. Dit komt doordat er veel suiker zit in producten waar we niet op letten, zoals saladedressing, muesli, of yoghurt. We zijn zo gewend aan suiker dat we nauwelijks proeven hoe zoet die producten zijn.

Voedselproducenten vrezen voor een terugval in verkoop wanneer zij veranderingen aanbrengen, waardoor er maar heel langzaam ontwikkeling zit in de vermindering van suiker. De verantwoordelijkheid voor de gezondheidsrisico’s wordt, net als in de tabakslobby, bij de consument gelegd: bij gebruik met mate is er immers geen gevaar en alle informatie staat op de verpakking. Dat de gemiddelde mens geen benul heeft van de betekenis van E-nummers, of alle aliassen waarachter zoetigheid verborgen gaat, komt mooi uit. De gevestigde orde heeft geen vertrouwen dat voortschrijdend inzicht in wat gezonde voeding is ook de smaak van de consument zal veranderen. Het zijn enkel jonge ondernemers zoals MANA die dat risico durven nemen. Simon: ‘Er is een wereld van verschil tussen een goed gevoel hebben omdat je denkt dat je een net product koopt en je gezond en goed voelen, omdat je eten met werkelijke voedingswaarde tot je neemt. Wij rekenen erop dat in de toekomst steeds meer mensen dat onderscheid zullen maken.’